Thema

Bedrijfspand en verhuur woonruimte

Zoeken

Hoe ontstaat (en eindigt) een erfdienstbaarheid?

Een erfdienstbaarheid ontstaat door vestiging in een door een notaris opgestelde akte. Door verjaring kan ook een erfdienstbaarheid ontstaan. Is er op uw perceel een erfdienstbaarheid gevestigd? Dan komt u er heel moeilijk van af. Een erfdienstbaarheid kan op de volgende manieren eindigen of wijzigen.

• Door opheffing of wijziging door de rechter.
• Door afstand.
• Door vermenging.
• Door verjaring.
• Door de werking van bijzondere wetten.

Opheffing en wijziging door een rechter
De rechter kan een erfdienstbaarheid opheffen of wijzigen. Er moet dan sprake zijn van onvoorziene omstandigheden. Die omstandigheden moeten zó ernstig zijn dat het noodzakelijk is de erfdienstbaarheid te wijzigen. Waren de omstandigheden te voorzien bij het vestigen van de erfdienstbaarheid? Dan mag de rechter de erfdienstbaarheid niet wijzigen. Ook niet als de eigenaar van het dienende erf schade lijdt als gevolg van de wijzigingen. Bestaat een erfdienstbaarheid twintig jaar? Dan kan deze enkel worden opgeheven of gewijzigd als er strijd is met het algemeen belang. U kunt ook opheffing van een erfdienstbaarheid verzoeken als de uitoefening niet meer mogelijk is of als er geen redelijk belang meer is en het niet aannemelijk is dat de uitoefening of het redelijk belang zal terugkeren.
 
Afstand, vermenging, verjaring en de werking van bijzondere wetten
Wil de eigenaar van het heersende erf afstand doen van de erfdienstbaarheid? Dan is de eigenaar van het dienende erf hieraan gebonden. Vermenging doet zich voor als de eigenaar van het heersende erf ook eigenaar wordt van het dienende erf. Verjaring doet zich voor als de uitoefening van de erfdienstbaarheid gedurende twintig jaar onmogelijk wordt gemaakt. De vordering tot beëindiging van deze onrechtmatige toestand is dan verjaard. De bijzondere wetten die een erfdienstbaarheid kunnen aantasten zijn onder andere de Onteigeningswet en de Wet inrichting landelijk gebied.