Verbetering van de positie van franchisenemers: nieuwe franchisewet van kracht

Zwakkere partijen, zoals consumenten, werknemers en huurders, worden in het recht beschermd tegen de partij met wie zij een overeenkomst hebben gesloten. Voor zakelijk handelende partijen is dat anders. Wanneer deze partijen overeenkomsten met elkaar sluiten, zijn zij in principe volledig vrij om wat dan ook af te spreken, ook als de inhoud van de overeenkomst zeer nadelig voor een partij blijkt te zijn. Er is maar weinig wetgeving die zakelijk handelende partijen beschermt. Daarom is het best bijzonder dat de positie van franchisenemers met de komst van de nieuwe franchisewet enorm wordt verbeterd.

 

In Nederland zijn circa 870 franchiseformules actief, met maar liefst 34.200 franchisevestigingen. Franchise-ondernemingen verschaffen werk aan meer dan 375.000 mensen en de jaarlijkse omzet ligt ruim boven 55 miljard euro. Tot voor kort was er geen specifieke wettelijke regeling voor franchiseovereenkomsten. Om te weten wat je rechten als franchisenemer of franchisegever waren, moest je terugvallen op de algemene wetgeving en de jurisprudentie.

Ongelijkwaardige relatie

In de franchiserelatie is er bij de franchisegever vaak een zeker overwicht ten opzichte van de franchisenemer. De relatie is daarom vaak ongelijkwaardig. Dit bracht de wetgever ertoe om speciaal voor franchiserelaties wetgeving te maken. De nieuwe franchisewet is nu een maand van kracht, sinds 1 januari 2021. De wet is zo belangrijk, omdat deze van dwingend recht is. Partijen kunnen dus niet meer afwijken van wat de wet bepaalt. Wanneer een beding in de overeenkomst hiervan toch afwijkt, dan kan de andere partij zo'n beding vernietigen. Sommige bedingen zijn zelfs nietig.

Vier verbeteringen positie franchisenemer

Hoe wordt de positie van de franchisenemer nu precies versterkt? Er zijn vier soorten voorschriften:

Een informatieplicht voordat de franchiseovereenkomst gesloten wordt

Zowel de franchisenemer als de franchisegever moeten elkaar belangrijke, in de wet genoemde, informatie verstrekken voordat de franchiseovereenkomst kan worden gesloten. De informatieplicht van de franchisegever gaat hierbij een stuk verder dan die van de franchisenemer. Met deze informatieplicht moet worden voorkomen dat de franchisenemer een overeenkomst sluit terwijl hij de risico’s die hij loopt, niet kan overzien. Prognoses over de te verwachte omzet bij het aanstaande filiaal van de franchisenemer, een veel voorkomende bron van geschillen, hoeft de franchisegever echter niet te geven. Zodra de informatie is gegeven, krijgt de franchisenemer vier weken de tijd om deze informatie tot zich te nemen. Pas daarna kan de overeenkomst worden gesloten.

Zorgplicht tijdens de duur van de franchiseovereenkomst

Er zijn ook voorschriften over hoe partijen zich tijdens de looptijd van de overeenkomst ten opzichte van elkaar moeten gedragen. Zij moeten zich tegenover elkaar 'als een goed franchisegever en een goed franchisenemer' gedragen. Zo moet de franchisegever de franchisenemer op commercieel en technisch terrein ondersteunen. De franchisegever moet bovendien de franchisenemer steeds tijdig informeren over ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op de franchiseovereenkomst tijdens de looptijd van de overeenkomst.

Goodwill en post-contractueel non-concurrentiebeding

Er worden ook voorschriften gegeven over wat na de looptijd van de franchiserelatie kan worden afgesproken. Zo moet vooraf worden vastgelegd of de franchisenemer recht heeft op goodwill en zo ja, hoe deze moet worden vastgesteld. Ook een eventueel concurrentiebeding is aan voorschriften gebonden. Het concurrentiebeding mag namelijk niet langer dan één jaar duren na het einde van de overeenkomst en bovendien alleen gelden in het gebied waar de franchisenemer actief was.

Instemmingsrecht franchisenemer

Vaak heeft een franchisegever in de overeenkomst bedongen dat hij bepaalde aanpassingen kan doorvoeren, zodat hij de formule verder kan ontwikkelen en de franchisenemers kan dwingen om hierin mee te gaan. Wanneer dit voor de franchisenemers financiële gevolgen heeft, kan hij de aanpassing niet zomaar doorvoeren. Dan heeft hij alsnog toestemming nodig van de meerderheid van franchisenemers in Nederland of de meerderheid van de groep van franchisenemers waarop de wijziging van toepassing zal zijn.

Direct van toepassing

De regels zijn direct van toepassing, dus ook op overeenkomsten die op 1 januari al liepen. Alleen voor de afspraken over goodwill en het non-concurrentiebeding geldt een overgangsregime. Partijen moeten er binnen twee jaar voor zorgen, dat de lopende overeenkomsten ook op dit punt aan de wet voldoen.

Als contractueel jurist behandel ik geregeld franchise- agentuur, en distributiezaken. Ik kijk dan ook met spanning uit naar de eerste keer dat ik van de nieuwe wet gebruik kan maken!

Disclaimer

Dit blog schetst de algemene regels en uitgangspunten. Uiteraard kan er in specifieke situaties sprake zijn van uitzonderingen. Heeft u vragen over dit onderwerp of uw specifieke situatie, dan kunt u altijd contact opnemen met een van onze specialisten.

Tim van Santen advocaat bij DAS
Ik ben advocaat en help veel ondernemers met hun juridische vragen en problemen die zij ondervinden rondom contracten met andere partijen.