Schooladvies: voor- en nadelen afschaffen CITO

Door
DAS

Blokken voor een examen of tentamen. Oude stof oefenen en nog eens oefenen. Proeftentamens maken, zoveel als je kunt. En uiteindelijk, zonder dat je de stof daadwerkelijk beheerst, toch slagen. Alleen vanwege het feit dat je de vragen zo vaak voorbij hebt zien komen, dat je de antwoorden kunt dromen. Niets anders gebeurt er bij het voorbereiden voor de CITO toets. Leerlingen worden voorbereid met behulp van oudere testen. En zo wordt er een schooladvies gegeven over de overgang van de basis- naar het vervolgonderwijs. Natuurlijk is een dergelijke toets een meetinstrument die -zoals wordt beweerd- naar objectieve maatstaven kan aantonen wat iemand kan. Maar, zoals iemand het heel treffend beschreef: ‘het toetst alleen de vaardigheid of een kind een dergelijke toets kan afleggen’ .

Basale kennis

De CITO toets meet de basale kennis. Of een kind wel het vereiste niveau heeft van rekenen of taal. Maar de overige kwaliteiten worden niet gemeten. Of een kind sociaal vaardig is, of goed is in sport en of het allemaal kan bijbenen wat er in zijn directe omgeving gebeurt. Dat wordt niet getest. Ook als een kind faalangstig is, kan een dergelijke toets een verkeerd beeld geven. Gewoon, omdat het dan niet in staat is om op die dag of onder die druk te presteren.

Verschillende belangen

Daarom ook het plan om de CITO als leidraad af te schaffen en de leraar het schooladvies te laten geven voor het vervolgonderwijs. Uiteraard zitten ook hier voor- en nadelen aan vast. Een leraar is ook een mens en kan soms subjectief zijn. Prestaties in de klas en daarbuiten kunnen dan in een ander licht geplaatst worden. Bijvoorbeeld het lastige kind van de klas dat anders gewaardeerd wordt dan het lievelingetje van de juffrouw of meester. Het voortgezet onderwijs wordt bestraft als er een kind geplaatst wordt die te hoog is ingezet. Als een kind dan naar een lager niveau moet, moet de school daar geld voor inleveren. Daar tegenover zie je vaak ouders die meer potentie zien in hun kind dan er daadwerkelijk inzit. Die willen hoe dan ook dat hun kind op een hoger niveau wordt geplaatst dan het aankan.

Openheid en vertrouwen

Grote vraag is: hoe is dit allemaal te ondervangen? Een idee is dat de leraar samen met een collega, bijvoorbeeld een docent gymnastiek of handvaardigheid, het kind beoordeeld. Zo wordt een kind door meer dan één persoon beoordeeld. Subjectiviteit is daarmee grotendeels uitgesloten. Zo worden ook andere vaardigheden dan alleen de referentievaardigheden als taal en rekenen, getoetst. Aan ouders valt dan ook beter uit te leggen waarom tot dit besluit gekomen is. Ouders zouden altijd naar de gesprekken op school moeten gaan. Kijk goed of het gedrag op school overeenstemt met hoe het kind zich thuis gedraagt. Zijn er grote opmerkelijke verschillen, bespreek dan met de leraar hoe dit zou kunnen komen. Geef openheid en vertrouwen, dan kan iedere partij daarop inspelen. Dit geldt voor zowel de leraar als de ouder.

Verschil van inzicht

Er zal met het afschaffen van de CITO als leidraad te gebruiken, meer ruimte zijn voor verschillen van inzicht. Tussen de basisscholen onderling kunnen verschillen van inzicht bestaan over de te hanteren normen van toetsing, maar ook tussen het ministerie van onderwijs en de scholen en ouders die weer heel anders denken dan de genoemde onderwijsinstellingen. De wet is hier ook niet duidelijk in. Een school in het voortgezet onderwijs kan bijvoorbeeld alsnog weigeren een leerling toe te laten. Een school is daar niet toe verplicht. Als ouders zich niet kunnen vinden in een schooladvies kunnen zij via een kort geding alsnog proberen een ander advies af te dwingen. Of dit allemaal verstandig is en op tijd zal zijn voor het nieuwe schooljaar begint, is afwachten.

Marjolein Hofman-Kremer, senior jurist onderwijsrecht

Wil je meer informatie lezen over doorstroming van vmbo naar havo? Lees dan ons blog daarover.