Huurder spant verhuurder voor zijn karretje na mislukte avances

huurder

huurderKarin* woont al een aantal jaren samen met haar zoon Robbert* in een appartement in het oude centrum van Utrecht. Ineens valt er een dagvaarding bij haar op de mat. De verhuurder wil haar zoon uit de woning zetten. De benedenbuurman, Jos*,  heeft geklaagd over geluidsoverlast.

Avances

Met de dagvaarding in haar hand komt Karin bij mij op kantoor. “Wordt Robbert nu mijn appartement uitgezet?” Ik reik een huilende Karin steeds nieuwe zakdoekjes aan en leg uit dat dit niet zomaar kan. “Hoe kan het dat Jos, pas na twee jaar gaat klagen bij de verhuurder?”, vraag ik aan Karin.  Zij vertelt dat Jos haar wel eens uitgenodigd heeft om te komen eten toen zij pas in haar appartement kwam wonen. Tijdens een etentje heeft Jos avances gemaakt. Karin was hiervan geschrokken en had duidelijk aangegeven hiervan niet gediend te zijn. Jos heeft haar daarna niet meer te eten gevraagd. In plaats daarvan moet Karin nu van haar verhuurder horen dat Jos al vele malen geklaagd heeft over geluidsoverlast van haar zoon Robbert.

Zitting

De rechter nodigt  Karin en Jos uit voor een zitting om het verhaal van beide kanten te horen en om vragen te kunnen stellen. De rechter legt uit dat een huurder verplicht is zich als een goed huurder te gedragen. Als een huurder anderen overlast bezorgt, gedraagt hij zich niet als een goed huurder.  Als een huurder of degene die in de gehuurde woning verblijft het te bont maakt, kan hij of diegene zelfs uit de woning gezet worden.

Andere huurders

Namens Karin geef ik de rechter aan dat  er van geluidsoverlast geen sprake is. Sterker nog, ik overhandig de rechter verklaringen van acht andere huurders uit hetzelfde appartementencomplex. Deze huurders verklaren dat Karin en Robbert goede huurders zijn en nooit geluidsoverlast veroorzaken.

Onvoldoende

De rechter maakt korte metten met het verhaal van Jos. Hij is de enige die klaagt over geluidsoverlast. Daarbij is het appartementencomplex oud, nauwelijks geïsoleerd en erg gehorig. Er is onvoldoende gebleken dat er sprake is van geluidsoverlast, aldus de rechter. Het is dus niet bewezen dat Karin of Robbert zich niet als goed huurder gedragen. De rechter wijst daarom het verzoek om uitzetting af.

Een grote opluchting voor Karin en Robbert.  Zij kunnen weer leven zonder bang te zijn dat ieder geluid aanleiding kan geven tot uitzetting uit hun appartement.

Christa Verploeg, senior jurist

*namen gefingeerd

Heeft u een vraag over het huren van een woning of over ruzie met de buren? Kijk op onze site voor meer informatie.